• Wanneer mag ik mijn lijfrente (pensioen) laten uitkeren?

    Je mag je uitkering zowel vóór als na je AOW-datum laten beginnen. De regels zijn daarvoor wel verschillend.

    Voor je AOW-leeftijd: Wil je de uitkering laten ingaan voordat jouw AOW-leeftijd is bereikt? Dan dient de uitkering tot minimaal twintig jaar na de AOW-leeftijd door te lopen. Bijvoorbeeld: je bent nu 64 en wilt beginnen met uitkeren. De AOW-leeftijd is 67. Dan is de duur van de uitkeringsperiode minimaal drie jaar (van 64 tot 67 jaar) + twintig jaar.

    Na je AOW-leeftijd: De uitkering moet uiterlijk vijf jaar na je AOW-leeftijd ingaan. De uitkering moet minimaal vijf jaar duren. Laat je jouw lijfrente korter dan twintig jaar uitkeren (dat wordt ook wel tijdelijke lijfrente genoemd)? Dan mag de uitkering of uitkeringen (alle tijdelijke lijfrenten) niet hoger zijn dan € 22.735 per jaar (in 2022). Is het jaarlijkse bedrag van de uitkeringen hoger? Dan moet je de uitkeringen minimaal twintig jaar ontvangen. Dit wordt door de fiscus als levenslang gezien.

    Je mag tijdelijke lijfrente en levenslange lijfrente uitkering combineren. Bijvoorbeeld een tijdelijke uitkering van tien jaar die € 15.000 per jaar uitkeert en tegelijkertijd een uitkering van twintig jaar (wordt gezien als levenslang) die € 25.000 per jaar uitkeert. Hierdoor heb je de eerste tien jaar een uitkering van € 40.000 en daarna € 25.000, voor nog eens tien jaar.

    Overlijd je tijdens zo’n tijdelijke en/of levenslange lijfrente uitkering? Dan krijgen je erfgenamen de resterende uitkeringen volledig doorbetaald.

    Een uitkering die uitkeert totdat je overlijdt (dus daadwerkelijk levenslang), kun je alleen bij een verzekeraar afsluiten. Bij zo’n levenslange uitkering bij een verzekeraar blijft er geen geld over voor nabestaanden, als je komt te overlijden. Tenzij je daar weer een extra verzekering voor afsluit of hebt afgesloten.