Box 3: stand van zaken
Box 3 blijft het grote hoofdpijndossier in Den Haag. De discussie loopt al jaren, maar kwam begin dit jaar in een stroomversnelling. De Tweede Kamer stemde toen in met een wetsvoorstel voor een nieuw stelsel. Al binnen twee weken leidde dat tot zoveel onrust, dat minister van Financiën Eelco Heinen meteen weer terug naar de tekentafel kon. De oplossing is nog altijd niet in zicht. We praten je bij, maar vertellen alvast, er is eigenlijk nog een hoop onduidelijkheid.
Hoe zat het ook alweer?
Het oorspronkelijke plan van het kabinet was om vanaf 2028 belasting te heffen over ‘papieren winst’. Bij zo’n vermogensaanwasbelasting zou je elk jaar belasting moeten betalen over de waardestijging van je bezittingen, zoals aandelen, obligaties, crypto of een tweede woning, zelfs als je deze nog helemaal niet hebt verkocht.
Dan maar een vermogenswinstbelasting
Aangezien het wetsvoorstel zoals die nu bij de Eerste Kamer ligt geen doorgang gaat vinden, heeft het kabinet recent een voorstel tot wetswijziging (een zogeheten novelle) gedaan. Het voornemen is nu om per 2028 te gaan werken met een vermogenswinstbelasting. Daarbij betaal je pas belasting over de winst op het moment dat je een aandeel of andere bezittingen daadwerkelijk verkoopt. De vermogenswinstbelasting lijkt beter te vallen in de politiek, maar het veroorzaakt op de korte termijn wel een gat van miljarden op de begroting. Doordat mensen hun beleggingen vaak jaren vasthouden, komen de belastinginkomsten dus veel later binnen dan bij de geplande vermogensaanwasbelasting.
Wederom kritiek
Om dat gat op te vullen bedacht het kabinet een oplossing: het verlagen van de belastingvrije grenzen. Voor 2027 wilde het kabinet het vrijgestelde vermogen halveren naar iets meer dan 30.000 euro per persoon. Vanaf 2028, in het nieuwe stelsel, zou de belastingvrije winst worden verlaagd van de eerder beloofde 1.800 euro naar slechts 1.000 euro per persoon. Maar over deze voorstellen is het laatste woord nog niet gesproken. Oppositiepartijen noemden deze oplossingen voor het begrotingsgat onacceptabel. Want hierdoor zouden honderdduizenden ‘kleine spaarders’ en beleggers namelijk een aanzienlijk deel van de rekening betalen. Het voorstel tot wetswijziging ligt nu voor advies bij de Raad van State. Later in oktober volgt het Kamerdebat.
Wat betekent dit voor jou?
Voor 2026 blijven de huidige regels hetzelfde. Dat betekent dat je belasting betaalt over een fictief (forfaitair) rendement. Voor beleggingen is dit voor 2026 vastgesteld op 6,00%. Hoe 2027 en 2028 er exact uit gaan zien is nog onduidelijk.
Wel heeft het kabinet haast. Als er voor 31 december 2026 geen wettelijke oplossing door het parlement is aangenomen, blijven de huidige regels van kracht. Minister Heinen acht 2028 haalbaar. Al erkende hij ook het risico dat het 2029 wordt. Bij Bright volgen we de ontwikkelingen nauwgezet en we houden je uiteraard op de hoogte.
De slimme oplossing: combineer box 1 slim met box 3
Terwijl de politiek stoeit met box 3, biedt box 1 (je pensioenrekening) een slimme oplossing. Bij je Bright lidmaatschap krijg je standaard twee rekeningen.
- De beleggingsrekening (box 3): Jouw flexibele pot. Je kunt er bij als je het nodig hebt. Handig voor een buffer, maar je betaalt hierover wel box 3 belasting. Als je het slim speelt, kun je zorgen dat je steeds onder de box 3 grens blijft. De peildatum voor box 3 is 1 januari. Dan kun je t/m 31 januari het bedrag boven die grens kosteloos naar je box 1 rekening verschuiven.
- De pensioenrekening (box 1): Hier beleg je geld dat voor je pensioen bedoeld is. Hierover betaal je geen jaarlijkse vermogensrendementsheffing. En je kunt deze inleg aftrekken van je belastbaar inkomen in Box1. Je betaalt pas belasting tegen de tijd dat je met pensioen gaat. Dat is in de regel minder, doordat je na je AOW-leeftijd geen AOW-premie meer betaalt.

Check wel even dit
- Kun je het missen? Je geld staat vast tot je pensioen. Nou ja, vast. In tegenstelling tot het pensioen van je werkgever, kun je deze pensioenpot ‘afkopen’. Dus eerder opnemen in geval van nood. Naast de inkomstenbelasting betaal je (maximaal) 20% revisierente betalen – omdat je geen vermogensrendementsheffing hebt betaald – dus het is fiscaal minder aantrekkelijk. Maar het kan wel. En als de reden om het eerder op te nemen arbeidsongeschiktheid is, dan hoef je zelfs die revisierente niet te betalen!
- Check je jaarruimte. Je mag niet onbeperkt inleggen. Alleen binnen je ‘jaarruimte‘ is de inleg aftrekbaar.