WhatsApp

Wil je een kosteloos gesprek met een van onze pensioenexperts. Plan direct je afspraak

Pensioen voor medewerkers: wat is het verschil tussen de drie pijlers?

Tije Klootwijk ·
Pensioen voor medewerkers bestaat in Nederland uit drie pijlers: de AOW van de overheid, het pensioen via werk en het pensioen dat iemand zelf extra opbouwt. Voor werkgevers is vooral het verschil tussen de tweede en derde pijler belangrijk, omdat je daar keuzes maakt die invloed hebben op kosten, flexibiliteit en gemak voor je team. Niet elke medewerker bouwt op dezelfde manier pensioen op. Dat hangt af van het type werkgever, de regeling die je aanbiedt en of medewerkers daarnaast zelf iets regelen. Hieronder lees je helder hoe de drie pijlers werken en wanneer ze relevant zijn bij pensioen voor medewerkers.

Wat zijn de drie pijlers van pensioen in Nederland?

De drie pijlers van pensioen in Nederland zijn de AOW, pensioen via de werkgever en aanvullend pensioen dat iemand zelf opbouwt. Samen vormen ze het totale inkomen voor later. Voor pensioen voor medewerkers is het handig om deze drie lagen los van elkaar te zien, omdat elke pijler een andere rol heeft. De opbouw ziet er simpel gezegd zo uit:
  • Eerste pijler: AOW van de overheid
  • Tweede pijler: pensioen via de werkgever
  • Derde pijler: aanvullend pensioen dat iemand zelf regelt
Die indeling helpt werkgevers en medewerkers om beter te begrijpen waar pensioen al vandaan komt en waar nog gaten kunnen zitten. De eerste pijler is voor bijna iedereen hetzelfde in opzet. De tweede pijler hangt af van de werkgever en de regeling. De derde pijler is juist persoonlijk en flexibel. Voor medewerkers betekent dit dat hun pensioen vaak niet uit één pot komt, maar uit meerdere bronnen. Juist daarom is het slim om niet alleen te kijken naar wat er via werk geregeld is, maar naar het totaalplaatje.

Wat is het verschil tussen de eerste, tweede en derde pijler?

Het verschil tussen de eerste, tweede en derde pijler zit vooral in wie het pensioen regelt en hoe het wordt opgebouwd. De eerste pijler komt van de overheid, de tweede loopt via de werkgever en de derde regel je zelf. Bij pensioen voor medewerkers zijn vooral de tweede en derde pijler praktisch relevant. Dit zijn de belangrijkste verschillen:
  • Eerste pijler: een basisinkomen vanuit de overheid zodra iemand de AOW-leeftijd bereikt
  • Tweede pijler: pensioenopbouw via een werkgever, vaak als arbeidsvoorwaarde
  • Derde pijler: extra pensioenopbouw op eigen naam, naast werk of als aanvulling daarop
De eerste pijler geeft een basis, maar is meestal niet bedoeld om het volledige eerdere inkomen te vervangen. De tweede pijler is voor veel medewerkers de belangrijkste aanvulling daarop. Die regeling kan goed passen bij werkgevers die pensioen als arbeidsvoorwaarde voor werkgevers willen aanbieden. De derde pijler is anders. Die is vaak flexibeler, maar vraagt ook meer eigen regie. Dat is een voordeel voor medewerkers die extra willen opbouwen of voor werkgevers die een eenvoudige en moderne manier zoeken om pensioen voor medewerkers te faciliteren. Een nadeel is dat deze pijler minder automatisch voelt dan een klassieke regeling via een pensioenfonds, waardoor goede uitleg extra belangrijk is.

Wanneer is de derde pijler relevant voor medewerkers?

De derde pijler is relevant voor medewerkers als zij weinig of geen pensioen via de werkgever opbouwen, extra willen sparen voor later of behoefte hebben aan meer flexibiliteit. Bij pensioen voor medewerkers kan de derde pijler dus een aanvulling zijn, maar soms ook een praktische route als een traditionele regeling minder goed past. Dat speelt bijvoorbeeld in deze situaties:
  • een medewerker bouwt nog geen of beperkt pensioen op via werk
  • een werkgever wil wel iets regelen, maar zoekt een eenvoudige oplossing
  • een medewerker heeft eerder pensioen gemist door wisselende banen of ondernemerschap
  • er is behoefte aan extra opbouw naast een bestaande regeling
Voor werkgevers in het MKB is dit vaak herkenbaar. Je wilt iets goeds bieden, maar je hebt niet altijd een grote HR-afdeling of tijd voor ingewikkelde pensioenconstructies. Dan kan een oplossing in de derde pijler interessant zijn, juist omdat die vaak overzichtelijker en flexibeler is. Er zitten ook aandachtspunten aan. Een voordeel is dat medewerkers vaak meer inzicht en bewegingsruimte hebben. Een nadeel is dat je als werkgever goed moet uitleggen wat je wel en niet regelt, zodat verwachtingen helder blijven. Pensioen blijft tenslotte een belangrijk onderwerp en medewerkers willen snappen waar ze aan toe zijn.

Hoe kies je als werkgever een passende pensioenaanpak voor medewerkers?

Je kiest een passende pensioenaanpak voor medewerkers door te kijken naar je team, je budget, de uitvoerbaarheid en hoeveel flexibiliteit je wilt bieden. Een goede aanpak is niet per se de meest uitgebreide regeling, maar een oplossing die duidelijk, betaalbaar en werkbaar is voor jouw organisatie én je medewerkers. Stel jezelf als werkgever deze vragen:
  1. Wil je een klassieke regeling via de tweede pijler of een flexibelere oplossing in de derde pijler?
  2. Hoeveel tijd en kennis heb je intern beschikbaar voor administratie en communicatie?
  3. Past de regeling bij een divers team met verschillende leeftijden en wensen?
  4. Zijn de kosten helder en voorspelbaar?
  5. Snappen medewerkers wat er voor hen geregeld wordt?
Voor veel MKB-werkgevers is eenvoud een groot pluspunt. Een pensioenregeling moet niet alleen goed klinken, maar ook in de praktijk te doen zijn. Transparantie is daarbij belangrijk. Als kosten onduidelijk zijn of meegroeien met het opgebouwde vermogen, kan dat op de lange termijn minder prettig uitpakken. Aan de andere kant kan een heel simpele oplossing ook een nadeel hebben als medewerkers juist behoefte hebben aan meer structuur of begeleiding. Kijk ook naar de waarden van je bedrijf. Sommige werkgevers vinden duurzaam beleggen of een sociale ondernemingsvorm belangrijk. Dat kan meewegen in je keuze, zolang je ook eerlijk blijft over de praktische kant, zoals communicatie, administratie en de ruimte die medewerkers zelf hebben.

Hoe helpt Brightpensioen bij pensioen voor medewerkers en de drie pijlers?

Wij helpen werkgevers met pensioen voor medewerkers door een flexibele oplossing in de derde pijler aan te bieden die simpel uit te leggen en praktisch te regelen is. Daarbij combineren we persoonlijk contact, duurzaam beleggen en een transparant model zonder verdienmodel op basis van een percentage uit de pensioenpot.
  • We richten ons op een pensioenoplossing voor medewerkers die past bij werkgevers met beperkte tijd en HR-capaciteit
  • We werken met vaste uitvoeringskosten in plaats van een percentage van het opgebouwde pensioenvermogen
  • We benoemen bij ons lidmaatschap altijd beide kanten: vaste uitvoeringskosten en beleggen tegen kostprijs, waar wij zelf niet aan verdienen
  • We beleggen duurzaam met ETF’s en green bonds
  • We bieden persoonlijk contact, zodat je een echt mens spreekt als je vragen hebt
  • We staan onder toezicht van AFM en DNB
Dat heeft voordelen en nadelen. Het voordeel is dat de aanpak helder en flexibel is, vooral voor werkgevers die pensioen voor medewerkers toegankelijk willen maken. Een nadeel is dat deze vorm niet voor elke situatie hetzelfde voelt als een traditionele pensioenregeling in de tweede pijler. Daarom is het slim om goed te kijken wat past bij jouw organisatie en je medewerkers. Wil je meer informatie of hulp bij het maken van een keuze? Maak een belafspraak voor werkgevers of neem direct contact met ons op, en je krijgt altijd een echt mens aan de telefoon. Dit artikel bevat algemene informatie en is geen individueel financieel of fiscaal advies.